Als de overstap van ‘gewone’
benzine naar
E85 wordt gemaakt, zo is becijferd, zou de uitstoot van het broeikasgas
CO2 15 tot 20 procent lager kunnen worden. De hoeveelheid NO
X in de atmosfeer – verantwoordelijk voor smogvorming en verzuring van het
milieu - zou 15 procent omlaag kunnen gaan. En de concentratie van koolmonoxide zou 40 procent terug kunnen lopen.
Ethanol als autobrandstof is helemaal niets nieuws; de legendarische T-Ford kon er al op rijden.
Bio-ethanol wordt gemaakt van plantaardig materiaal. Dat betekent dat er bij de verbranding geen
CO2 uit fossiele bronnen in de atmosfeer wordt gebracht. De
CO2 die bij het verstoken van
bio-ethanol vrijkomt, is eerder door de planten, die als grondstof voor de brandstof dienen, uit de atmosfeer gehaald. In Brazilië rijden auto’s al tientallen jaren op
ethanol, gestookt van suikerriet. Niet speciaal om het
milieu te sparen, maar uit economische overwegingen. Brazilië heeft veel grond waarop gewassen voor de productie van
ethanol kunnen worden verbouwd. Dat is handig, want als je brandstof van eigen bodem gebruikt, ben je minder of helemaal niet afhankelijk van buitenlandse leveranciers. En je weet maar nooit wat die in de zin hebben. Ze kunnen de prijs opdrijven, en ze kunnen de levering manipuleren als politiek wapen. Ook in andere landen is de wens om onafhankelijk te worden van de bekende olielanden een stimulans om
bio-ethanol te gaan produceren. In de Verenigde Staten is maďs de belangrijkste grondstof voor
bio-ethanol. Met als gevolg dat de maďsprijzen gestegen zijn en daardoor ook de prijzen van voedingsproducten die worden gemaakt van maďs. Ook in Europa werkt het gebruik van landbouwgewassen voor de productie van brandstof al door in de voedselprijzen. Een ander punt dat tot nadenken stemt, is dat er voor het verbouwen van gewassen ook brandstof nodig is. Bijvoorbeeld de brandstof om kunstmest te produceren.